bij toeval werd ik eens uitgenodigd om een yogales te geven in een bejaardentehuis. reeds meer dan twee jaar heeft ik daar nu maandelijks les. de groep telt ongeveer 20 bejaarden. ze zitten in een cirkel, de meeste in een rolstoel. bekende gezichten, af en toe nieuwe gezichten, en soms gezichten die we nooit meer terug zien. ze komen vrijwillig en ze noemen me 'de madam van de yoga'.
in het begin is het moeilijk om met hen contact te maken, om hen te bereiken. ik vroeg hun eens wat ze zouden meedoen mochten we op reis vertrekken. ik spoorde hen aan hun fantasie te gebruiken en zo ruim mogelijk te denken. ze antwoordde mij: 'mijn geld en sis-kaart.' meer wisten ze niet te vertellen. twee jaar later zijn ze losser. ze spreken van hun huisdieren, kleinkinderen, vriendschap of liefde.
ieder op zijn eigen ritme in groep bewegen doet veel meer deugd dan alleen op de kamer. bejaarden kunnen moeilijker om met bewegen en moeten daarom veel meer worden gestimuleerd. ze zijn van nature meer gereserveerd met hun eigen lichaam. ze moeten een beetje worden geholpen om te bewegen. ze moeten overtuigd worden van het genot van hun lichamelijkheid.
wat voor hen in het begin nog moeilijker is, is bewust ademen, mediteren. ze
hebben nood aan inhoud. ze moeten geraakt worden. ze moeten zich persoonlijk
aangesproken voelen. ze moeten gehoord worden. ze moeten kunnen delen.
deze twee elementen combineer ik in een sessie. dat wil zeggen: enerzijds zorg ik
dat de sessies plezierig zijn. we doen eenvoudige, aangename bewegingen.
anderzijds praat ik een uurtje met hen over thema's die voor hen aan de orde zijn.
bijvoorbeeld "wie hun vrienden zijn?" "een kleinkind", "een gestorven broer", "mijn
twee hondjes die nu bij tante Paula wonen", "ik heb er geen en wil er geen", "vrienden
zijn vrienden". hier krijgt elk de kans om zich uit te drukken en naar de
ander te luisteren.
het is een eenvoudige maar heel deugddoende activiteit.
